Naar homepage
Opleidingen
Spelregels
Reglementen
Bestuursbesluiten
Test je Kennis
Training
District info
Jouw vragen
Links
KNKV portaal
Ga direct naar:



Download banners


Training

Pagina per E-mail verzenden  Opslaan als PDF-bestand  Pagina afdrukken

Mogelijkheid 2
Doel
Het invullen van de steunende posities: de afvang en de aangeef bij een voorverdedigende tegenstander. Gebruik maken van tempowisselingen en het kiezen van het juiste moment.

Aandachtspunten
Het gebruik van tempowisselingen en inzicht creëren in wisselingen van de functies. Tevens is het samenspel, het samenwerken van groot belang.

Organisatie:
Er wordt 4 tegen 4 gespeeld met een coachende trainer (trainer kan ook meedoen!). Het begin is een 4-0-0 opstelling. Eén speler loopt op tempo naar de afvangpositie. De andere spelers nemen positie in het voorvak en aan de zijkant. De speler aan de zijkant loopt in hoog tempo in één rechte lijn naar de aangeefpositie en wordt aangespeeld. De functies zijn bezet. Na de aanval wordt de 4-0-0 positie weer ingenomen en begint de opbouw opnieuw.



Variatie:

  1. De aangeef loopt niet door maar trekt terug voor een scoringsmogelijkheid. Dit kan als de verdediger voor de aanvaller uit loopt om de aangeefpositie af te schermen.
  2. De speler wordt goed voorverdedigd en loopt door naar de andere zijkant van het vak. Zo maakt hij weer ruimte voor een andere speler om in de aangeef te komen of hij onderneemt zelf nog een poging vanaf de andere kant.

Vervolg:

  1. De verdedigers geven lichte druk maar als het aanvallend goed gaat wordt de druk opgevoerd.
  2. Aangeef wordt goed voorverdedigd maar de aangever neemt de afvang over, eerst zet hij de tegenstander van de afvang vast zodat deze in de aangeef kan komen (tollen).
  3. Probeer de posities zoveel mogelijk bezet te houden en af te wisselen waarbij zo min mogelijk de 4-0-0 posities worden ingenomen.
  4. Probeer de posities zo in te vullen dat de juiste mensen op de juiste posities komen.
  5. Het is ook mogelijk om eerst de aangeef in te vullen en dan pas de afvang. Als je inloopt met een schijnbeweging zodat je je doel camoufleert heb je kans dat je kan kiezen welke positie je inneemt.
  6. De posities gelijktijdig innemen gebeurt ook, hiervoor is wel een duidelijke afspraak nodig.

Tip voor de coach:

  1. Laat een speler die even niet meedoet goed kijken naar het spel en bespreek wat je ziet. Zo zien ze het vanaf de zijlijn, dat maakt vaak veel duidelijk.
  2. Zelf meedoen werkt heel sturend en is goed om de opbouw van de aanval duidelijk te maken.
  3. Timing is heel belangrijk, niet alleen het moment van lopen maar ook van het passen van de bal naar de aangeef en van de aangeef naar de aanvaller.
  4. Bij de passing van de bal naar een speler moet er altijd rekening gehouden worden met de positie van de tegenstander, gooi altijd iets uit de richting van de tegenstander. Kies de goede kant om aan te spelen.

Spelregels:
Bij het verkrijgen van korte kansen, is de uitgangspositie bepalend. Als de aanvaller zich in verdedigde positie bevindt, achteruit stapt of springt en een doelpoging onderneemt, waarbij de verdediger zijn uiterste best doet om de situatie te herstellen en daarbij tracht de bal te blokkeren moet de poging als verdedigd worden beschouwd.

Login
Vul je loginnaam en wachtwoord in om in te loggen!

Koninklijk Nederlands Korfbalverbond - Postbus 417 - 3700 AK Zeist - E-mail: servicedesk@knkv.nl - Telefoon: 0343 499600